Ga naar de inhoud
NieuwsPublicatiedatum: 12 juni 2026

Nederlandse genenbank dierlijke bronnen breidt uit en geeft genetisch materiaal uit

Close-up van een zwarte bij en een bloem

Materiaal in de genenbank wordt niet alleen opgeslagen voor langdurige bewaring, maar wordt ook actief ingezet om de genetische diversiteit van zeldzame rassen te versterken. Daarom geven we een inkijk in het materiaal van de genenbank dierlijke bronnen: wat is ingevroren, wat is uitgegeven, en van welke diersoort is het meeste genetische materiaal in de genenbank afkomstig? We kijken naar de periode 2020 tot 2025.

Het CGN beheert genenbankcollecties van runderen, varkens, paarden, schapen, geiten, honden, kippen, duiven, eenden, ganzen, konijnen en duiven. Het gaat zowel om zeldzame Nederlandse rassen als om gangbare rassen die wereldwijd een belangrijke rol spelen in de voedselproductie. CGN bewaart bijna 390.000 doses sperma van 160 rassen van 11 diersoorten.

Opslag en uitgifte van genetisch materiaal: versterking levende populaties

Tussen 2020 en 2025 zijn er in totaal 26.000 doses genetisch materiaal opgeslagen van 689 dieren. Er zijn in die 5 jaar inseminatiedoses van 700 dieren uitgegeven. De genenbank groeit dus niet alleen, maar draagt ook actief bij aan het behoud, herstel en duurzaam gebruik van genetische diversiteit. Benieuwd welk materiaal er beschikbaar is? Die informatie vind je via de website van de Dutch Animal Genebank.

Ongeveer driekwart van het sperma in de genenbank is afkomstig van runderen en ongeveer 10% is afkomstig van beren (mannelijke, niet-gecastreerde varkens). Het rundersperma heeft verschillende herkomsten: een deel is overgenomen van fokkerijorganisaties en KI-centra of verzameld via ‘snapshots’, en een deel is op bedrijfsniveau verzameld door het CGN. Het grootste deel van de 700 uitgegeven inseminatiedoses bestond uit stierensperma.

Nieuw in de genenbank

Leuk om te weten: in 2023 is voor het sperma van sierduiven ingevroren en toegevoegd aan de genenbankcollectie. Ook zijn we gestart met onderzoek naar aquatische soorten (2 soorten oester, paling, mossel, snoekbaars en tarbot) en bijen. Van de inheemse zwarte bij zijn in 2025 genetische analyses uitgevoerd en is voor het eerst sperma ingevroren. Voor de nieuwe aquatische collectie zijn we gestart met 45 spermasamples van wilde en gekweekte aal en zijn de aquatische soorten genetisch gekarakteriseerd om inzicht te krijgen in de genetische diversiteit en mogelijkheden voor toekomstige cryopreservatie. En als kers op de taart is de collectie uitgebreid met zeewier (suikerwier, vingerwier, zeesla en wakame). Inmiddels is zeesla succesvol gecryopreserveerd, en de eerste stappen zijn gezet voor de opslag van wakame.

Langetermijnbewaring en actief gebruik gaan hand in hand. Door genetische bronnen niet alleen veilig te stellen maar ook beschikbaar te maken en het gebruik te stimuleren, draagt het CGN bij aan het veiligstellen van genetische diversiteit van zeldzame en gangbare rassen – nu en in de toekomst.

Contact

Heeft u een vraag over dit onderwerp? Neem contact op met onze expert.